zondag 26 april 2015

"Magdalena" van Maarten 't Hart


“Dit is zomaar een verhaal uit mijn jeugd waarin mijn moeder een eigenaardige rol speelt. Ik kan meer van zulke verhalen vertellen, en zal dat ook doen.”



Het zal wel niet gemakkelijk geweest zijn voor een auteur die graag autobiografische gegevens in zijn boeken verwerkt, om niet over zijn moeder te kunnen schrijven – zeker nu je beseft wat een kleurrijk karakter ze was. Maar het heeft geduurd tot na haar overlijden vooraleer Maarten 't Hart uiteindelijk toch over haar schreef. Zij had dat ook zo gevraagd, en nadat je het boek gelezen hebt, kun je als lezer wel begrijpen waarom. Haar achterdochtige natuur zou het niet aangekund hebben om te leven met de wetenschap dat haar leven op de grote massa werd losgelaten. Maar na haar dood – zo vertelde ze hem – mocht hij schrijven wat hij wou. Zo geschiedde dan ook en kort na haar overlijden (ze stierf in 2012) ligt nu Maarten ’t Harts boek “Magdalena” in de winkel, genoemd naar zijn moeder.



Toch is “Magdalena” geen biografie van zijn moeder geworden. Het is eerder een memoire waarin de relatie van de auteur met zijn moeder centraal staat. ’t Hart schrijft met liefde en respect over haar, maar het is wel duidelijk dat er twee aspecten waren die een bijzonder grote invloed hadden op hun relatie: haar totaal ongegronde achterdocht tegenover ’t Harts vader (ze was er van overtuigd dat hij voortdurend iets had met ‘mokkels’ – iets wat zijn vader kapot maakte), en haar zeer strikte geloofsovertuiging, waarvan ’t Hart al op zeer jonge leeftijd afstand nam.



Het boek is overwegend luchtig geschreven. Het is bij momenten zelfs heel grappig. Zo is het hoofdstuk waarin de jonge Maarten argumenten en berekeningen bij elkaar sprokkelt om aan te tonen dat het Bijbels verhaal over de ark van Noach nooit echt gebeurd kan zijn, bijzonder geestig. Maar de uiteenzetting is wel 15 bladzijden lang en je kunt je afvragen wat hij hiermee wil bereiken. Het lijkt wel alsof hij probeert om zijn moeder alsnog te overtuigen van haar ongelijk. Het valt trouwens op hoe mild ’t Hart is voor zijn moeder en hoe scherp en bitsig hij haar geloof aanvalt. Ook de verhalen over haar paranoia zijn grappig, maar smaken wel bitter als je de gevolgen ervan kent. ’t Hart mijmert dan ook bladzijdenlang over wat had kunnen zijn als ze niet deze ‘onhebbelijkheden’ had gehad.



Ik heb het boek heel graag gelezen, maar kan me niet van de indruk ontdoen dat hij iets te veel in herhaling valt, vooral dan wat betreft de twee hierboven genoemde aspecten. Het lijkt wel alsof ’t Hart al die jaren gewacht heeft om over zijn moeder te schrijven, om dan te ontdekken dat er wat te weinig stof was om een heel boek te vullen. Of je kan het natuurlijk zo interpreteren dat die twee aspecten zo overheersend waren in hun relatie, dat al de rest naar de achtergrond werd verdrukt. Wellicht leest het boek dan ook best als een aanvulling op zijn andere autobiografische boeken, maar daar kan ik dus niet over oordelen, aangezien ik ze (nog) niet gelezen heb.



Maarten ’t Hart: Magdalena. Amsterdam/Antwerpen, Arbeiderspers, 2015, 250 blz.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen